Gepost op

Het Rechte Spoor – 2017 | Zondag 15 oktober

Nu is Mijn ziel in beroering en wat zal Ik zeggen? Vader, verlos Mij uit dit uur! Maar hierom ben Ik in dit uur gekomen. Vader, verheerlijk Uw Naam!
Johannes 12 vers 27 en 28

Op bepaalde momenten tijdens Zijn leven moest de Heere Jezus op bijzondere wijze denken aan Zijn sterven. Dat was ook zo toen Hij de woorden uit de dagtekst uitsprak.

Zijn ziel was in beroering. Hij werd innerlijk als het ware ‘omgewoeld’. Niet omdat Hij twijfelde of Hij wel naar het kruis zou gaan. Nee, maar wel omdat Hij besefte dat het lijden verschrikkelijk zwaar zou zijn.

Hij bracht tot uitdrukking: ‘Wat moet Ik? Wat moet Ik zeggen? Wat moet Ik vragen? Moet Ik vragen of de Vader Mij dat lijden wil besparen? Of Ik niet naar het kruis hoef te gaan?’

Hij was ervan doordrongen: dat was onmogelijk! Daartoe was Hij immers op aarde gekomen. Hij was Mens geworden om het verzoeningswerk te ondergaan en te sterven.

Nee, hoe moeilijk het ook voor Hem was, de verheerlijking van de Vader telde zwaarder dan al het andere. Dát was Zijn wens en gebed: dat de Naam van de Vader verheerlijkt mocht worden.

 

Het dagboek bestellen?