Uit 'Het Rechte Spoor'


Maandag 20 april

Help ons, o God van ons heil, omwille van de eer van Uw Naam; red ons en doe verzoening over onze zonden, omwille van Uw Naam.

Psalm 79 vers 9

 

De Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij draait volledig op giften en donaties. Zo schonk in 2024 een man z’n gehele erfenis aan de Zandvoortse afdeling. Die kocht er een nieuwe tractor van met een bootswagen. De maatschappij verstuurt geen rekeningen voor bewezen diensten.

Dat doet God ook niet!

Wie in nood is, kan tot Hem roepen. Eén schreeuw om hulp is voldoende – en Hij is er. Hij redt ons uit de ellende. Hij verlost ons van onze zonden. Zo zijn we veilig voor het oordeel van God dat als een dreigende onweerswolk boven ons hoofd hing.

De prijs van onze redding is immens hoog: de Heere Jezus moest daarvoor sterven aan het kruis. God stond Zijn enige Zoon af. Dat is een onuitsprekelijke gave!

Kunnen we Hem daarvoor betalen? Onmogelijk, totaal onmogelijk!

Wel wensen we ons nu met al onze kracht aan Hem toe te wijden, Hem te danken en te prijzen!




Lees meer »

Zondag 19 april

Toen zij Hem zagen, stonden zij versteld, en Zijn moeder zei tegen Hem: Kind, waarom hebt U ons dit aangedaan? Zie, Uw vader en ik hebben U met angst gezocht. En Hij zei tegen hen: Waarom hebt u Mij gezocht? Wist u niet dat Ik moet zijn in de dingen van Mijn Vader?

Lukas 2 vers 48 en 49

 

De Heere Jezus was twaalf. Met Jozef en Maria vierde Hij het paschafeest in Jeruzalem. Zijn moeder en Jozef reisden terug, Hijzelf bleef in de tempel. Na drie dagen zoeken vonden ze Hem. Hadden ze niet kunnen weten waar Hij was? In de wedervraag van de Heere Jezus ligt dat zachte verwijt opgesloten. “Waarom hebt u Mij gezocht? Wist u niet dat Ik moet zijn in de dingen van Mijn Vader?”

Wat een treffende woorden, en dat uit de mond van een 12-jarige! Ja, van jongs af leefde Hij voor de Vader en in de dingen van Zijn Vader.

Voor God de Vader leven, is één ding. Maar de Heere Jezus wilde ook voor Hem sterven. Nóg verder kon Zijn liefde tot Hem niet gaan. Nóg meer kon Hij niet geven.

Wat moet de Vader verblijd zijn geweest toen Hij die wens bij Zijn Zoon zag!




Lees meer »

Zaterdag 18 april

Zij drongen echter bij hem [= Elisa] aan, tot beschamens toe, en hij zei: Stuur hen dan maar. En zij stuurden vijftig mannen, die drie dagen zochten, maar hem [= Elia] niet vonden.

2 Koningen 2 vers 17

 

Een 70-jarige man uit Rosmalen had vandaag twee jaar geleden een afspraak in het centrum van Utrecht. Vanwege de parkeerkosten parkeerde hij zijn auto op 7 kilometer afstand van de binnenstad en ging op de fiets verder. Het kortetermijn- geheugen van de Brabander was niet meer zo best: de man kon zijn auto niet meer terugvinden. Dagenlang zocht de familie, maar zonder resultaat.

Toen de profeet Elia levend in de hemel was opgenomen, wilden velen per se naar zijn lichaam zoeken, maar ze vonden hem natuurlijk niet. – Op aarde kun je ook zoeken naar het lichaam van de Heere Jezus, maar Hij is opgestaan uit de doden en opgevaren naar de hemel. Daar is Hij nu bij God, verheerlijkt aan Zijn rechterhand.

Wie Hem vinden wil, moet omhoogkijken. Wie dat doet en in Hem gelooft, zál Hem vinden. Al z’n zonden worden hem vergeven en hij is een kind van God. Hij heeft hemelse schatten gevonden die voor eeuwig zijn eigendom zijn.




Lees meer »

Vrijdag 17 april

In de benauwdheid hebt U ruimte voor mij gemaakt.

Psalm 4 vers 2

 

‘Hoe kan God van Wie jij zegt dat Hij liefde is, toekijken dat ik zo’n pijn lijd, zonder me te helpen en in te grijpen?’ Het was een verbitterde stem. Een jonge vrouw stelde de vraag. Ze was van haar paard gevallen en zwaargewond geraakt. In het ziekenhuis had ze een dokter horen zeggen dat het hopeloos was. Haar hele wezen kwam in opstand: ‘Ik haat God! Hoe kan Hij dit toelaten als Hij almachtig is? Hij is niet liefde’.

Haar vriend zat bij haar. Eerst zweeg hij. Toen vroeg hij: ‘Deed het erg zeer toen het gips werd aangelegd?’‘Verschrikkelijk!’ – ‘Was je vader er dan niet bij?’‘Ja, natuurlijk’ –. ‘Stond hij het de artsen dan toe je zo te kwellen? Hij had ze toch kunnen tegenhouden?’ – ‘Ja, maar dat was nodig om me te helpen’.

Hij zei voorzichtig: ‘Dus je vader keek toe toen de dokter je zo’n pijn deed. Hij stond dat toe, hoewel hij van je houdt. Of was dat misschien, omdat hij van je houdt?’

Ze begreep hem: ‘Wil je zeggen dat God dit ongeluk toeliet, omdat Hij mij liefheeft?’ – Hij knikte.




Lees meer »

Donderdag 16 april

Zijn heer, boos als hij was, gaf hem aan de pijnigers over, totdat hij alles wat hij hem schuldig was, betaald zou hebben.

Mattheüs 18 vers 34

 

In het Belgische Hasselt hield de politie een grote verkeerscontrole. Het leverde een vette buit op: onder andere een bedrag van 18.000 euro en zeven in beslag genomen auto’s. De klapper was een man die nog 6,2 miljoen euro aan boetes had openstaan. Hij was de klos: hij moest z’n hele schuld betalen.

Net zoals de heer in de dagtekst boos was en betaling verlangde, eist God genoegdoening voor onze zonden.

In dit deel van de wereld zijn martelingen bij wet verboden, maar de Schepper zal iedere zondaar in de eeuwige vuurzee werpen. Daar worden ze gekweld en gepijnigd. Harteloos? Nee, rechtvaardig!

Ieder mens weet er ook van; hij is gewaarschuwd. Nu ook u, door middel van dit stukje. En niet alleen waarschuwt God alle mensen, Hij wijst ook de oplossing aan. Zijn eigen Zoon liet Hij naar het kruis gaan om onze straf te dragen. Hij werd gepijnigd, in onze plaats. Wie nu in de Heere Jezus gelooft, wordt alle schuld kwijtgescholden.




Lees meer »

Woensdag 15 april

Bovendien is er tussen ons en u een grote kloof aangebracht, zodat zij die van hier naar u zouden willen gaan, dat niet kunnen en ook zij niet die vandaar naar ons zouden willen gaan.

Lukas 16 vers 26

 

In 1824 werd het Noordhollands Kanaal in gebruik genomen. Met veertig meter breed en zes tot tien meter diep was het toen het breedste en diepste kanaal ter wereld. Zo werd de haven van Amsterdam via Den Helder beter bereikbaar. Tegelijk was het een barrière voor heel wat mensen: ze konden hun familie, school of werk veel moeilijker bereiken. Om het kanaal te kunnen oversteken, werden zestien vlotbruggen gebouwd.

Er is straks een onoverbrugbare kloof tussen hen die in de Heere Jezus hebben geloofd, en hen die Hem hebben afgewezen. Die kloof is er nu ook – en hij is breed en diep! –, maar nu kan die nog overbrugd worden.

Het is nog steeds mogelijk om naar God te gaan, voor Hem te buigen, je zonden te belijden en in de Heere Jezus te geloven. Dat bewerkt een enorme verandering. Een mens die ver van God verwijderd was, wordt als Zijn kind aan Zijn hart gebracht.




Lees meer »