Vrijdag 5 juni
Hij leidde hen naar buiten tot bij Bethanië. En Hij hief Zijn handen op en zegende hen. En het geschiedde, terwijl Hij hen zegende, dat Hij Zich van hen verwijderde. En Hij werd opgenomen in de hemel.
Lukas 24 vers 50 en 51
Wat is het voor de discipelen een wonderlijk ogenblik geweest toen hun geliefde Meester en Heere Jezus van hen scheidde en in de hemel werd opgenomen! Ze hoefden niet meer verdrietig te zijn, zoals veertig dagen daarvoor toen Hij was gekruisigd. Hij was zegevierend opgestaan!
Met opgeheven handen Zijn discipelen zegenend, voer de Heiland op naar de hemel. Op het kruis waren Zijn handen vastgenageld. Daar werd Hij voor ons tot een vloek, opdat wij van het eeuwige oordeel bevrijd konden worden.
Nu hief Hij Zijn handen op om hen te zegenen. Dat was het laatste wat de discipelen van Hem zagen. Zó mogen ook wij Hem zien, iedere dag. Vanuit de hemel zegent Hij ons, onafgebroken.
Eraan te denken dat Hij eerst tot een vloek moest worden, vóórdat Hij Zijn zegen over ons kon uitstorten, maakt ons diep dankbaar.