Woensdag 29 april
Toen verborgen Adam en zijn vrouw zich voor het aangezicht van de HEERE God te midden van de bomen in de hof.
Genesis 3 vers 8
Rond 1855 hielp de Duitser Karl Victor von Hase een medestudent die door de politie werd gezocht, het land uit te vluchten. Hij gaf hem daartoe zijn eigen persoonsbewijs, zodat zijn vriend op zijn naam de grens kon oversteken. Karl vroeg bij de autoriteiten een nieuw identiteitsbewijs aan, omdat hij het oude had ‘verloren’. De vluchteling verloor het paspoort echter in Frankrijk. Het werd gevonden en naar Duitsland teruggestuurd. Voor de rechtbank zei de jongeman: ‘Mijn naam is Haas en ik weet van niets!’
’t Is een bekende uitspraak geworden, maar als je voor de hemelse Rechter staat, kom je daar niet mee weg. Op aarde wordt in de rechtbanken – en ook daarbuiten – heel wat gelogen, maar in de hemel woont de Alwetende. Er is dan ook maar één goede raad: wees eerlijk tegenover Hem!
Je voor Hem verstoppen, iets voor Hem verzwijgen, dingen verdraaien: het is allemaal zinloos. Eerlijk je schuld erkennen en je zonden belijden: dát heeft zin! Alles wordt je dan vergeven en kwijtgescholden. God neemt je aan als een geliefd kind!