Vijanden

Direct leverbaar

 0,05

Vijanden

Sam is een goede vriend van me. We komen beiden uit het Midden-Oosten. Hij is slim, sympathiek en sterk. Hij zei eens tegen mij: ‘Jij bent altijd zo vriendelijk voor de mensen; je zult wel geen vijanden hebben’.

Ik zei: ‘Nou, Som, dan zit je ernaast. Ik heb een hele hoop vijanden en ze zijn me vaak te sterk’.

Hij was verbaasd: ‘Echt? Dat had ik nooit gedacht! Wie zijn dat dan? Kan ik je helpen?’

‘Dank je, maar tegen die vijanden kun jij niets beginnen, want ze leven in mij. Ze heten trots, drift, egoïsme, wraakzucht, zedeloze gedachten, jaloezie, hebzucht – en nog veel meer. Dat zijn de ergste vijanden, want ze zitten in mijn hart en porren me aan om tegen God te zondigen. En elke zonde tegen God is natuurlijk erger dan welke ziekte of tegenslag ook’.

Sam staarde me een tijdje aan, boog toen z’n hoofd en zei zacht: ‘Ik schaam me, maar moet toegeven dat ik al die dingen en nog erger heb gedaan’. Hij besefte dat hij een zondaar was en vergeving van God nodig had.

Ik keek hem aan en zag dat hij het meende. ‘Sam, als je God belijdt dat je een zondaar bent, en Hem om vergeving vraagt, weet je wat dan Zijn antwoord is?’

Hij was daar niet zeker van; daarom las ik hem de Bijbeltekst voor:

“Als wij onze zonden belijden: God is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.” (1 Johannes 1 vers 9)

God is barmhartig en vol liefde. Daarom wil Hij graag mensen redden en hun zonden vergeven. Hij is ook rechtvaardig. Zijn Zoon Jezus Christus stierf aan het kruis. Daar droeg Hij de straf over de zonden van alle mensen die in Hem zouden geloven. Hij heeft vast beloofd dat wie in Hem gelooft, geen straf meer krijgt. Hij zei:

“Wie Mijn woord hoort en Hem gelooft Die Mij gezonden heeft, die heeft eeuwig leven en komt niet in de verdoemenis, maar is uit de dood overgegaan in het leven.” (Johannes 5 vers 24)

God houdt Zijn woord. Als een mens zich dan ook tot Hem bekeert en erkent dat hij schuldig is, vergeeft God hem al zijn zonden.

“Zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.” (Johannes 3 vers 16)

P33