Zaterdag 14 februari
De HEERE zei tegen Mozes: Trek vóór het volk uit, en neem enkelen van de oudsten van Israël met u mee. Neem uw staf, waarmee u de Nijl sloeg, in uw hand en ga op weg. Zie, Ik zal daar vóór u op de rots bij de Horeb staan. Dan moet u op de rots slaan, en er zal water uitkomen, zodat het volk kan drinken.
Exodus 17 vers 5 en 6
De belangrijkste rivieren die met hun uitlopers vanuit Nederland in zee uitmonden, zijn de Rijn, de Maas en de Schelde. Deze rivieren laten samen gemiddeld per seconde 2,7 miljoen liter water de Noordzee instromen. Dat is een gigantische plas zoet regen- en smeltwater.
Het volk Israël had in de woestijn geen water. Ze snakten ernaar en verweten Mozes dat hij hen uit Egypte had laten vertrekken. Wat onredelijk! In Zijn grote genade gaf God hun water in overvloed. De rots moest daartoe geslagen worden.
Christus is de Rots. Opdat het water des levens voor ons zou vloeien, moest Hij geslagen worden. Dat is op Golgotha gebeurd, toen Hij aan het kruis hing. God strafte Hem in onze plaats. Op grond daarvan ontvangt nu ieder mens die in Hem gelooft, het water des levens, ja, het eeuwige leven van God.