Uit 'Het Rechte Spoor'


Dinsdag 28 juli

Zij hoorden de stem van de HEERE God, Die in de hof wandelde, bij de wind in de namiddag. Toen verborgen Adam en zijn vrouw zich voor het aangezicht van de HEERE God te midden van de bomen in de hof.

Genesis 3 vers 8

 

Een vliegtuig vloog over de Atlantische Oceaan, ten oosten van Florida. Alle zes inzittenden kwamen om toen de C-54 Skymaster in zee stortte. De piloot verloor de controle over het vliegtuig, waarschijnlijk door plotseling zwaar weer. Zeker is dat niet; het contact werd abrupt afgebroken.

Was dat in Genesis 3 ook niet zo? Opeens was het contact tussen de mens en God verbroken. In dit geval was alleen de reden duidelijk: Adam en Eva hadden gezondigd. God had Zijn wil duidelijk kenbaar gemaakt, maar de mens deed zijn eigen wil. Wie zo handelt en dus ook tegen God zondigt, kan met Hem niet in verbinding staan. Hij stort neer, geestelijk dood in zijn zonden.

Jezus Christus is gekomen om de verbinding met onze Schepper te herstellen. Daartoe moest Hij de zonden wegdoen, want díe stonden in de weg. Daarom onderging Hij aan het kruis het oordeel daarover, opdat God onze Vader kon worden!





Lees meer »

Maandag 27 juli

Wij zijn eerlijke mensen.

God heeft de misdaad van uw dienaren aan het licht gebracht.

Genesis 42 vers 11 en 44 vers 16

 

De stad Portland ligt in de Amerikaanse staat Oregon. Agenten zagen daar een auto rijden die vermoedelijk gestolen was. Ze hielden de bestuurder aan en doorzochten de auto. Daarbij troffen ze, naast een doorgeladen wapen en verdacht veel contant geld, een tas aan waarop in het Engels stond: ‘Dit is absoluut geen tas vol drugs’. Humor! Hij zat vol met zakjes fentanyl en methamfetamine.

De tien broers van Jozef beweerden met droge ogen dat zij eerlijke, vrome mensen waren. God bracht hen echter zó ver dat ze hun misdaad toegaven.

Zolang een mens zichzelf als goed beschouwt, kan God niets met hem beginnen. Hij werkt aan zijn geweten, zodat zo iemand begint te begrijpen dat hij een zondaar is en het oordeel heeft verdiend. Als hij dat dan ook eerlijk toegeeft en zijn schuld erkent, dán kan God hem aannemen en genade bewijzen. Al z’n zonden worden hem dan vergeven.

Voor onze trots is dat een bittere pil. Maar als we die weigeren te slikken, staan we ons heil in de weg!





Lees meer »

Zondag 26 juli

Neem toch uw zoon, uw enige, die u liefhebt, Izak, ga naar het land Moria, en offer hem daar als brandoffer op een van de bergen die Ik u noemen zal.

Genesis 22 vers 2

 

Wat was dat voor Abraham ontzettend moeilijk! Jarenlang hadden hij en Sara gewacht op een zoon. En nu gaf God hem de opdracht hun lieveling te offeren. Om hem op een altaar te leggen en daar te doden! – Zouden wij tot zo’n offer in staat zijn?

Van eeuwigheid af was de Heere Jezus bij God, in het Vaderhuis. Al Zijn vreugde en welbehagen vond de Vader in Hem. Hij was Zijn Oogappel.

Nooit zullen we kunnen doorgronden wat het voor de Vader geweest moet zijn om Zijn Zoon af te staan. Abraham kreeg de opdracht – en met een bloedend hart wilde hij gehoorzaam zijn. God had echter van niemand een opdracht gekregen. Wie zou Hem kunnen bevelen?

Nee, de gave van Zijn Zoon kwam voort uit Zijn eigen hart. Het was Zijn Goddelijke liefde die Hem daartoe bewoog. Niet alleen was het plan in Zijn hart, ook heeft Hij het uitgevoerd. Hij zond Zijn Zoon Zelf naar Golgotha, in die vreselijke dood!





Lees meer »

Zaterdag 25 juli

Heel het volk was getuige van de donderslagen, de bliksems, het bazuingeschal en de rokende berg. Toen het volk dit zag, sidderden zij en bleven op een afstand staan.

Exodus 20 vers 18

 

Westelijk van Bremen ligt de stad Delmenhorst. Daar was twee jaar geleden in een park een familie van zes personen aan het barbecueën, gezellig onder een boom. Het was boven de 30 graden. Een hevige onweersbui trok over. De bliksem sloeg in de boom. Het zestal raakte ernstig gewond; twee van hen moesten zelfs gereanimeerd worden, maar ze overleefden het wel.

De bliksemstralen en donderslagen in de dagtekst waren er toen God vanaf de berg Sinaï Zijn wet aan de mensen bekendmaakte. Zijn heilige eisen zijn inderdaad schrikwekkend, want wij kunnen er niet aan voldoen!

Sinds het kruis van Christus laat God de boodschap van de genade verkondigen. Het is niet meer: ‘Houd de wet om zalig te worden’, maar: ‘Geloof in de Heere Jezus Christus om gered te worden’. Het is niet meer verdienste, maar genade. Daarvoor schrikken we niet terug, maar dat trekt ons aan en we prijzen God ervoor!





Lees meer »

Vrijdag 24 juli

Veertig jaar hebt U hen onderhouden in de woestijn. Zij hebben geen gebrek geleden, hun kleren zijn niet versleten en hun voeten zijn niet opgezwollen.

Nehemia 9 vers 21

 

Tienduizenden wandelaars uit zo’n 70 verschillende landen lopen vandaag de laatste etappe van de Nijmeegse Vierdaagse. Langs de route staan overal verzorgingsposten. Er zijn 350 vrijwilligers van het Rode Kruis in touw, samen met een heleboel artsen, masseurs en EHBO’ers. Ze prikken gemiddeld zo’n 15.000 blaren door en gebruiken 25 kilometer medische tape.

Dan hadden de Israëlieten het beter!

Die trokken veertig jaar door de woestijn, maar hun voeten zijn niet opgezwollen geweest. Ze hebben geen blaar gehad. Hun kleding raakte niet versleten. Elke dag viel het manna op de aarde en zonder ophouden stroomde het water uit de rots. Inderdaad, ze hebben geen gebrek geleden.

Zó zorgt God nu voor al Zijn kinderen. Dat betekent niet dat al onze wensen worden vervuld. Maar Hij geeft ons alles wat Hij in Zijn grote wijsheid voor ons goed en nodig acht – en Hij vergist Zich niet!





Lees meer »

Donderdag 23 juli

De Farizeeër stond daar en bad dit bij zichzelf: O God, ik dank U dat ik niet ben zoals de andere mensen (...) De tollenaar bleef op een afstand staan en wilde ook zelfs zijn ogen niet naar de hemel opheffen, maar sloeg op zijn borst en zei: O God, wees mij, de zondaar, genadig.

Lukas 18 vers 11 en 13

 

Twee mensen gingen naar de tempel om te bidden.

De één was een religieuze man, leefde uiterst correct en dacht dat God met hem tevreden zou zijn. Hij ging ervan uit dat hij door zijn religieuze positie en inspanningen aangenomen zou worden.

De ander was een openlijke zondaar, een tollenaar. Die keek niet eens op naar de hemel, maar sloeg zich op de borst en bad God hem genadig te zijn. Deze ging gerechtvaardigd naar huis.

Waarin verschilden zij? De eerste zag zich zoals nogal wat mensen die braaf naar de kerk gaan. Ze geven toe dat ze niet volkomen zijn, maar geloven toch dat ze de hemel verdienen. Ze hebben immers hun best gedaan! De tollenaar maakte zich geen illusies. Hij vond zich niet rechtvaardig, maar bad om genade. Déze man vond vrede met God! De ander bleef, tevreden als hij was met zichzelf, ver van God.





Lees meer »